‘Gekraakt’ kruis
Het is niet voldoende elders te zijn.
Je moet ook nog een ergens vinden.

Ik ben ziek en leef nu in een afgesloten ruimte zonder nooduitgang.
Ik hoest.
Mijn hoest barst los, breekt mijn lichaam,
Mijn hart.
Waarom? Waarom ik? En waarom niet?
Wind en regen snijden mijn adem af,
en mijn armen en benen.
In de nacht vol angst tracht ik mijn adem terug te vinden
door me naar boven, naar beneden, naar opzij te wringen.
Ik zoek een ogenblik om in te slapen
ondanks de krampen.
Nacht van slaapmiddelen.
Nacht van vallen in het niets.
Soms ook op de vloer.
Vanuit mijn diepste herinnering duiken de gruwelen op
die me misselijk maken.
Uit mijn mond ontsnapt de kreet
die ik omwille van de anderen lang heb gedempt.
Opstaan, zo vroeg…
De dag zal zo lang zijn…
en tegelijk zo kort.
Morgen klopt al aan de deur.
In mijn hoofd gebeuren vele dingen.
Je hebt er geen idee van.
Op sommige dagen, meer dan andere,
word je gewurgd door de angst,
verlamd door de vrees om alleen te zijn.